pellicule

Middernacht, een reusachtige toren lijkt me te roepen wanneer ik naar huis dwaal met de wagen. Ik stop, kijk even en volg het licht dat de toren doet opdoemen. Zierkerke heet het hier. Ik stap uit en lees dat ze hem ‘de dikke toren’ noemen.

Ik kwam net terug van filmopnames in Zeeland en het leek me alsof fictie en realiteit even heel dichtbij waren. Was dit echt?  Een vreemde en statische mastodont die lijkt op de aanzet van iets groots midden in een dorp dat een stad zou moeten zijn. De toren zelf deed me denken aan de Mechelse Sint–Romboutstoren, maar dan zonder Kathedraal en meer afgestompt met een robuust schreeuwende voet en half dicht gemetste poort die de aarde en het stadje daarrond stevig in zijn greep hielden.

Een beeld waar ik tijd voor nam om het in me op te nemen, soms doe ik dat gewoon. Stoppen, uitstappen en voelen. Iets wat ik nog geleerd had van hem, Dirk Lauwaert. En of het toeval was of niet, maar zijn naam verscheen op mijn gsm toen ik via de handsfree kid kort daarna polste wat er ondertussen in de sociale mediawereld was gebeurd. Een Facebook post: “Schrijver Dirk Lauwaert overleden” met een link naar het artikel op Cobra.be, “69 jaar en overleden aan de gevolgen van een hersentumor. Een ziekte waarvan hij al acht jaar wist dat het hem fataal zou worden…Bekend om zijn uitgesproken stijl, zijn scherpe denken en brede blik…”

Ik gooide het stuur opzij, een veldweg in en stapte uit. Even diep ademen. Het greep me bij m’n nekvel. Een rilling overviel me. Ik had hem sinds mijn opleiding nog éénmaal ontmoet, op straat in Brussel, een goedendag, een vriendelijk opsommen waarmee je bezig was en een vaarwel. Sindsdien nooit meer, toch is hij me gedurende heel mijn carrière bijgebleven en liet hij zijn sporen na, bewust en onbewust.

Hij was de man waar je naar uitkeek als je er les van had op de filmacademie. Een man met een uitgesproken visie en mening. Iemand die je meenam in zijn verhalen en die durfde persoonlijk te zijn. Een mens, die me eens ernstig maar zeker niet verwijtend zei: “Je kiest duidelijk niet voor de makkelijkste weg,” wat vanuit zijn mond als een compliment gold. Ik koos in die tijd om geen toegevingen te doen en echt mijn weg te gaan, en dat zag hij aan alles wat ik deed en dacht en vroeg.

Het compromisloze is er nu wat afgesleten, ik kan al luisteren. Als wat me verteld wordt een meerwaarde betreft zal ik het met plezier omarmen. Maar nog steeds ga ik mijn eigen weg, dat hebben verschillende leermeesters me geleerd.

Hij was kritisch, dat wel. En dat motiveerde om het nog beter te doen. Hij leerde ons, de filmstudenten,  vooral denken over beelden, zoals wanneer hij vertelde dat je als fotograaf niet zomaar beelden moest liggen schieten, maar voor elk beeld dat je maakte je leven zou moeten riskeren: “Zo belangrijk is dat moment waarop jij beslist die knop in te drukken.”

Telkens maakte hij met het nodige enthousiasme duidelijk  dat je bewust met je vak moest bezig zijn. In het verlengde daarvan zei hij dat een film pas geslaagd was als er ook maar één beeld in zat dat zou bijblijven. Dat op zich was al een hele prestatie.

Want film is anders dan fotografie; film is een hele reeks beelden achter elkaar en het is een niet te onderschatten kunde om daar dan nog iets nuttig mee te doen. Het nut komt dan voort uit het samengaan van beeld, klank en verhaal en als je dit in elk beeld dat je filmde kon vatten,  net als in een schilderij, dan was je op de goede weg.  Zo interpreteerde ik het althans.

Dirk Lauwaert was heel inspirerend als docent. Hij raakte je en dat was op zich, naast de hele resem gemotoriseerde lessen, een hele verademing. “Hij was als een geestelijke vader voor ons,” zei een vriend en oud klasgenoot van me toen ik hem onderweg opbelde, “een vader voor een klas vol vaderlozen.”
Hij had gelijk, we keken naar hem op, ook al waren we het niet altijd met hem eens. We waren een generatie van kinderen met afwezige vaders en als ze dan toch aanwezig waren liepen ze morrend rond in conflict met de hele wereld.  Ook dat merkte onze ‘meester’ die ons bemoedigend vertelde: ”Alle grote verhalenvertellers liggen wel ergens in conflict met een vaderfiguur.”

Nu nog, vader zijn blijft een hele opgave, maar wij kwamen duidelijk voort uit vaders die niet meer wisten waar hun plaats was, zelf opgevoed door vaders die de oorlog hadden meegemaakt en op hun manier de nodige kraters meesleurden. Vaders die vaak met een ijzeren wil een vreemdsoortig naoorlogs ras van nieuwe vaders voortbrachten waarvan je niet meer wist of zij nog wel een wil hadden. Tenzij een niet te plaatsen drang tot zelfdestructie of wegvluchten van en naar ‘iets’, iets ‘anders’. Waarna je na vele jaren plots badend in het zweet midden in de nacht wakker wordt en merkt dat je zelf vader bent. Voor het grootste deel opgevoed door je moeder, waarbij je onbewust je vaders missie van ‘iets anders’ verder zet.

Wat blijkt? Uiteindelijk zijn we allen op onze eigen manier op zoek naar herstel. Maar goed, dat is een ander verhaal.

Maandagochtend, veel te vroeg, maar je wilde er zijn. Hij nam plaats, in het midden van de klas, tussen ons in en met de nodige afstand. Hij vertelde hoe hij samen met zijn zoontje de bus nam naar school en zich verbaasde over de manier waarop hij de wereld tot zich nam, hoe zijn zoontje hem opnieuw leerde kijken naar de dingen. En daar zou hij dan zijn les, een levensles, verder op bouwen, we werden gewillig wakker in een schijnbaar grauwe ochtend en konden de week weer aan.

Wat ik hier schrijf zit natuurlijk ver weg in mijn herinneringen, ergens midden jaren negentig, in een periode waar ik zelf nog veel dingen trachtte te plaatsen. Een periode die lang duurde omdat ik nu eenmaal meer tijd nodig had om de echt belangrijke zaken te kunnen onderscheiden van de nutteloze.  En net zoals alles wat je kadert en in beeld brengt is ook alles wat je neerschrijft vertekend. Een geheel en accuraat beeld van wie Dirk Lauwaert als docent was kan ik niet geven, maar wél de indruk die hij op me naliet tijdens zijn lessen. En net als met beelden maken moet je ook daar je tijd voor nemen om zo terug te keren naar de essentie. In dit verhaal is het de ode aan een man die me leerde kijken. De reden waarom ik soms het rempedaal stevig indruk, uitstap en adem.

Dat was ooit anders. Toen ik op de filmacademie zat liep ik gebukt onder zware zwarte kleding en trachtte de dagen te overleven. Flechet hoed naar beneden gedrukt tot over mijn ogen zodat men zeker niet zou zien wie ik echt was. Ik droeg de zwaarte van het leven als een statisch en niet te vergeten monument, net als de ‘dikke toren’. De potentie was er, maar door omstandigheden lag er nog een hele lange weg voor me.

In één van mijn meest donkere momenten legde ik hem na de les uit hoe moeilijk ik het soms had met dit leven.
Hij keek me diep aan en zei : “Je zal een  keuze moeten maken, en als je die maakt moet je er niet meer op terug komen.”

Ondertussen maakte ik die keuze en ga ik verder met het verkennen van dit leven, met alles erop en eraan. Net zoals hij deed.

Hoe dan ook, of we er in geloven of niet, het ga je goed Mijnheer Lauwaert, het ga je goed!

Ik wens je mooie en warme beelden tijdens je nieuwe reis toe, met ontmoetingen die inspireren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

captcha: *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>